Chemicaliën
Chemicaliën worden teruggevonden in de huid van walvissen.
Wat is er aan de hand?
Op foto's van onze oceanen zie je vaak azuurblauwe heldere wateren met veel planten en dieren. In werkelijkheid zijn veel van onze zeeën een dumpplek geworden. Vroeger dacht men dat onze oceanen zo uitgestrekt waren dat alle verontreinigde stoffen snel verdund, verspreid en daarmee onschadelijk zouden worden. Maar giftige chemicaliën, die in de oceanen terechtkomen, hopen zich op in de water- en voedselketen, zelfs op de zeebodem. Ze zijn een ernstig risico voor de natuur en dus ook voor mens en dier.
Tussen 1930 en 2000 gingen mensen veel meer chemicaliën produceren.
De jaarlijkse productie steeg van 1 miljoen tot 400 miljoen ton.
Wat zijn de gevolgen?
Hele ecosystemen kunnen worden verstoord wanneer onze rivieren ongewenste voedingsstoffen en sedimenten naar de oceanen vervoeren. Dit gebeurt bijvoorbeeld tijdens overstromingen. Die kunnen een overvloed aan fytoplankton en algen voeden, die voedselbronnen verstikken en dragen bij aan het uitbreken van plagen met bijvoorbeeld koraal-vretende doornenkronen, met verwoestende gevolgen.
Ook baggeren voor havenontwikkeling en andere bouwwerkzaamheden leiden tot vervuiling van de zee. Belangrijke elementen van de zeebodem die de biodiversiteit ondersteunen worden verwijderd of verstoord. Zo kunnen zure sulfaten en andere verontreinigingen naar boven komen die de groei van planten remmen of zich ophopen in voedselketens.
Vervuiling uit industriële en stedelijke gebieden stroomt vaak via het riool ongehinderd naar onze oceanen. Chemische stoffen worden ook op zee gedumpt of geloosd via de stedelijke gebieden of schepen. Volgens een studie van de US National Research Council is 46% van de olie die in de oceanen terechtkomt afkomstig van zeetransporten. Sommige schepen lozen bijvoorbeeld illegaal lensolie (een mengsel van water, olie, smeermiddelen en andere vervuilende stoffen die zich in het ruim van een schip verzamelen) voordat ze een haven binnengaan, omdat dit goedkoper is dan het legaal in de haven te verwerken.
Chemicaliën in de walvis
Aan plastic worden verschillende chemicaliën toegevoegd, bijvoorbeeld om het in een bepaalde vorm te houden. Eenmaal in het zeewater lekken deze stoffen uit het plastic en komen ze in de waterkolom of aan de oppervlakte. Deze stoffen belanden onder andere in de huid van walvissen. Behalve door het inslikken van plastic kunnen de chemicaliën waarschijnlijk ook direct door de huid worden opgenomen. Deze giftige stoffen kun je aantonen door zogenaamde biomarkers, factoren in de huid, of het bloed of urine die aangeven dat er iets fout is, bijvoorbeeld een ontsteking. Uit onderzoek blijkt dat deze giftige stoffen, PAE’s (chemische stof in plastic), de cellen van walvissen aantasten. Dat kan leiden tot verstoring van de vetbalans, ontstekingen en verstoring van de voortplanting.
Veel walvissen leven van plankton en dat kan ook sterk vervuild raken door plastic soep. Blauwe vinvissen eten tussen de 2 en 4 ton krill per dag. Zo is er in de huid van vinvissen uit het Noordwesten van de Middellandse Zee 4 tot 5 keer zoveel phthalates (PAE) gevonden als in minder vervuilde gebieden. Er zijn daar wel 8 verschillende PAE’s teruggevonden (Panti 2019).
Waar zijn we actief?
Onze focusgebieden voor de oceanen
Voor welke dieren zijn we actief?
Inwoners van de zee die we willen beschermen