Emillie Reuchlin-Hugenholtz / WWF
Emilie
Emilie Reuchlin-Hugenholtz
Noordzee-expert
15 mei 2021

Het is de Internationale Dag van de Noordzee!

Het Wereld Natuur Fonds en andere natuurbeschermingsorganisaties vragen op 15 mei aandacht voor de Noordzee op de internationale dag van de Noordzee via #NorthSeaDay. Een mooi moment om alle schoonheid van de Noordzee te vieren, maar echt een feestje is het nog niet zolang deze bijzondere onderwaternatuur nog zo onder vuur ligt…

Onze Noordzee in beeld

“Het is druk op de Noordzee”

Het Nederlandse deel van de Noordzee is wel 58750 vierkante kilometer groot, en is daarmee het grootste ‘natuurgebied’ van Nederland! Er leven veel bijzondere dieren zoals haaien, roggen, walvissen, dolfijnen, Jan van Genten, maar ook koralen en vele soorten schelpdieren.

De afgelopen vijftig jaar is het aantal vissen, vogels, zoogdieren, amfibieën en reptielen wereldwijd met 68% afgenomen. In de Waddenzee en de Noordzee kelderde de biodiversiteit of soortenrijkdom ook zo hard. Oorzaak is een opeenstapeling van effecten van menselijke activiteiten. Bijvoorbeeld de effecten van olie-en gaswinning, scheepvaart, sleepnetvisserij, baggeren, schelpenwinning en windmolenparken. De Noordzee is met al deze activiteiten één van de drukste zeeën ter wereld. Er zijn daardoor al veel soorten en leefgebieden verdwenen.

“Veel soorten gaan ’naar de haaien’

Door visserij zijn grote haaien, maar ook roggen zoals de vleet (de ‘mantarog’ van de Noordzee) weggevist. Veel leefgebieden zijn vernield, er is vervuiling en veel herrie onder water. Hierdoor raken walvisachtigen zoals onze kleinste walvis, de bruinvis, in de problemen. Ook is een heel groot deel van onze riffen verdwenen. Vroeger waren er volop schelpdierriffen in de Noordzee die de bodem stabiel hielden, onze kust beschermden en die als schuilplek en kraamkamer een belangrijk waren voor veel zeedieren. Nu is daar bijna niets meer van over. Daarom is het soms ook nodig om actief in te grijpen en diersoorten terug te brengen die nagenoeg zijn verdwenen. Bijvoorbeeld door oesterriffen te herstellen.

Oesterrif Noordzeebodem

“Minder biodiversiteit op land én in zee”

Op land zijn er veel bossen gekapt en hebben we veel kale bodems en monocultuur, dat is ook het geval op de Noordzee. De biodiversiteit is gekelderd. We hebben met al onze schadelijke activiteiten een onderwaterlandschap gecreëerd dat voornamelijk uit zandbodems bestaat. Sommige soorten houden wel van die zandbodems, zoals platvis, maar andere dieren houden juist van schelpen, grind, stenen en een hardere ondergrond. Willen we biodiversiteit herstellen en weerbaar maken, dan moeten we ook de verscheidenheid aan bodems herstellen. Rondom riffen is de biodiversiteit maar liefst 60% hoger dan op de relatief kale zandvlaktes. Als ik duik bij die schelpdierriffen barst het van leven en dat is prachtig om te zien! Hoe groter de afwisseling van leefgebied; hoe groter de verscheidenheid aan soorten, hoe weerbaarder het complete systeem, hoe gezonder de Noordzee.

“Eerste stappen in de goede richting en nu doorstappen!”

Gelukkig is er al lang geleden het besef gekomen, en daarbij ook wet en regelgeving, dat we de Noordzee niet kunnen blijven kaalplukken of exploiteren, zonder een verantwoordelijkheid om de Noordzee te beschermen. De zee levert ons waardevolle zaken: zuurstof, voedsel, grondstoffen, transport, energie en de opslag van warmte en CO2. We zijn dus allemaal afhankelijk van een goed functionerend en divers ecosysteem. Gezonde ecosystemen zijn daarbij ook onze natuurlijke klimaatbuffers, die helpen om de klappen van klimaatverandering te incasseren. Maar naast het feit dat een gezonde Noordzee nuttig en noodzakelijk voor de mens is, hebben we ook met elkaar besloten dat de natuur rust en ruimte moet krijgen, voor soorten die daarvan afhankelijk zijn.

Wetgeving vanaf 1979

In 1979 werd voor het eerst de Vogelrichtlijn ingevoerd. In 1992 kwam daar de Habitatrichtlijn bij. Verder zijn er nog meer verdragen en afspraken gemaakt die bescherming voor de Noordzee moeten opleveren: zoals OSPAR (Oslo Parijs Conventie) en de Kaderrichtlijn Mariene Strategie. Door die wet- en regelgeving én aanvullende afspraken moeten alle Europese lidstaten de zee voor bepaalde soorten en leefgebieden beschermen zodat de natuur zich kan herstellen.

Scheepvaart Noordzee

“Minder dan 1% is echt beschermd”

Volgens wetenschappers moet minstens 30% van de oceanen en zeeën beschermd worden en ook Europa heeft zich daaraan gecommitteerd. Waar staan we nu 40 jaar nadat de eerste wet- en regelgeving voor een betere beschermde Noordzee werd ingevoerd? Is ondertussen de 30% bescherming die de Noordzee nodig heeft om zich te herstellen en weerbaar te worden behaald? Nee. Helaas is er nu een daadwerkelijke bescherming van minder dan één procent! Sterker nog, in Nederland is het nog niet eens 0.3 procent. Ook op land loopt natuurbescherming traag en is het onvoldoende, op zee is het nog erger. Met het onlangs gesloten ‘Akkoord voor de Noordzee’ is afgesproken dat 12,5 procent beschermd zal zijn in 2023 en 15 procent in 2030. Dat is een stap in de goede richting. Gezonde Noordzeenatuur kan tegen een stootje. Dat betekent dat er dan op een duurzame manier gebruik gemaakt kan worden van de Noordzee, zonder dat je tegen de grenzen van natuur aanloopt. Zoals nu dreigt te gebeuren met de ontwikkeling van windparken op zee. Kortom, de overheid moet haast maken.

“Doggersbank gesloopt”

We weten al wat we moeten beschermen. Zo is er de Doggersbank, een ondiepe zandbank in het hart van de internationale Noordzee (de Noordzee wordt gedeeld met 7 landen). Dit was van origine een echte ‘hotspot’ voor biodiversiteit en een heel belangrijk leefgebied voor grote tonijnen, haaien en roggen. Bij echte bescherming zouden we daar weer een rijk leefgebied kunnen herstellen. Maar in werkelijkheid wordt hier dagelijks de zeebodem kapot gevist met grote sleepnetten en boren we er naar gas, waardoor de zeezoogdieren die juist in dit gebied beschermd moeten worden, sterven door onderwatergeluid.

“Borkumse Stenen: iedere vierkante meter wordt door mensen gebruikt”

Het gebied de Borkumse Stenen was vroeger rijk aan oesterriffen, vol oesters, jonge vis, wieren en koralen. Het gebied zou al beschermd moeten zijn, maar het gebied wordt nog steeds blootgesteld aan energie- en zandwinning en schadelijke visserijtechnieken. Ook wil defensie er kunnen blijven oefenen. Geen plek dus voor natuur. Sterker nog, het in 2018 aangelegde oesterrif in een heel klein gebied van 500 x 500 meter loopt nu zelfs gevaar door containerrampen en voorgenomen, dreigende gaswinning.

“Kustzone: bruinvissen en sternen onder druk”

De kustzone is ook zo’n rijk gebied: jonge trekvissen, bruinvissen en zeehonden en ook zeevogels zoals sternen zijn ervan afhankelijk. De bescherming is al in een beheerplan vastgesteld, maar dat is slechts een heel klein deel en het wordt niet gecontroleerd en gehandhaafd. Er is daardoor nog steeds overbevissing gaande en de compensatie die plaats had moeten vinden voor de aanleg van de tweede Maasvlakte staat al 13 jaar in de wacht.



“30% bescherming in 2030: beter gisteren dan vandaag”

Ik schreef in 2007 al een rapport over de noodzaak om snel tot bescherming over te gaan. Het rapport is helaas nog steeds actueel, want we zijn 14 jaar verder en er is nog weinig gebeurd. WWF en andere organisaties voerden gesprekken, tekenden akkoorden, spraken in op de beschermingsmaatregelen die nodig zijn, maar de implementatie van échte natuurbescherming blijft uit.

Daarom roepen wij de overheid op om op deze internationale dag van de Noordzee snel in actie te komen voor de Noordzeenatuur. Dat betekent dat we de bescherming op papier moeten omzetten naar bescherming in de praktijk. Minstens 30% is nodig om de juiste effecten te bereiken en de Noordzee weer gezond te krijgen. Een mooie, dringende en dankbare taak voor de nieuwe regering lijkt mij.

Emilie
Emilie Reuchlin-Hugenholtz
Noordzee-expert
Bekijk meer artikelen

Blijf op de hoogte

Ontvang inspiratie, acties, duurzame tips, het laatste natuurnieuws van WWF én 10% korting in onze duurzame webshop.